Een derde gender
18 september 2018

De rechtbank Limburg kwam onlangs tot een bijzondere uitspraak: De Officier van Justitie had verzocht om in de geboorteakte van belanghebbende de vermelding van het geslacht “Vrouwelijk” te verbeteren in “geslacht is niet kunnen worden vastgesteld”.

De belanghebbende was in 1961 geboren en destijds kon het geslacht niet worden vastgesteld. De ouders hebben er voor gekozen om het mannelijk geslacht op te nemen “omdat dat gemakkelijker was voor het kind”. In de pubertijd kwam belanghebbende er achter dat zij zich geen man voelde. Zij onderging medische behandelingen om vrouw te worden en in 2001 deed zij een geslaagd beroep op art. 1:28 BW om het geslacht te laten wijzigen in “vrouwelijk”. Uiteindelijk bleek dat ook niet te passen, nu belanghebbende zich gender-neutraal voelde. Zij wenst derhalve erkend te worden als een derde gender.

In 2007 vond de Hoge Raad de tijd nog niet rijp voor een dergelijk verzoek. Thans is dat wel het geval volgens de rechtbank. Daarom wordt in de geboorteakte van belanghebbende opgenomen “het geslacht van het kind is niet kunnen worden vastgesteld”. Het is nu aan de wetgever om een derde gender neutrale mogelijkheid bij wet toe te staan.

Vindplaats: http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2018:4931

Voor deze of minder opmerkelijke zaken kunt u contact opnemen met een van de advocaten van Van Dijk c.s. advocaten.