Hoe wordt smartengeld bij letselschade bepaald?
1 juli 2026

Een ongeval kan niet alleen financiële gevolgen hebben, maar ook leiden tot pijn, verdriet en gederfde levensvreugde. Deze immateriële schade komt onder omstandigheden eveneens voor vergoeding in aanmerking. Die vergoeding staat bekend als smartengeld. 

Smartengeld betreft een financiële compensatie voor leed dat niet direct in geld is uit te drukken. Denk daarbij aan lichamelijke pijn, psychische klachten, onzekerheid over de toekomst en beperkingen in het dagelijks leven als gevolg van letsel. Anders dan materiële schade, zoals medische kosten of verlies aan verdienvermogen, gaat het hierbij om de persoonlijke impact van een ongeval op het leven van het slachtoffer. 

De wettelijke grondslag voor smartengeld is opgenomen in artikel 6:106 van het Burgerlijk Wetboek. Op basis van dit artikel kan onder meer aanspraak bestaan op immateriële schadevergoeding wanneer sprake is van lichamelijk letsel, aantasting van de eer of goede naam, geestelijk letsel of andere aantastingen van de persoon. Ook bij doelbewust toegebrachte schade of aantasting van de nagedachtenis van een overledene kan een vergoeding aan de orde zijn. 

Sinds 1 januari 2026 werkt de Rechtspraak daarbij met aanbevelingen voor de begroting van smartengeld als aanvulling op de zogenoemde Rotterdamse Schaal. Deze schaal biedt een gestructureerd model waarbij smartengeldbedragen worden onderverdeeld in bandbreedtes op basis van de aard en ernst van het letsel. Het doel hiervan is meer uniformiteit, voorspelbaarheid en rechtszekerheid bij de vaststelling van immateriële schadevergoedingen.

De Rotterdamse Schaal fungeert daarbij als uitgangspunt, maar rechters behouden ruimte om van deze bandbreedtes af te wijken wanneer de omstandigheden van het geval daartoe aanleiding geven. In dat geval zal de rechter dat duidelijk moeten motiveren. Daarnaast bevatten de aanbevelingen van de Rotterdamse Schaal aanvullende gezichtspunten, zoals een mogelijke verhoging van het smartengeld bij jonge slachtoffers, blijvend letsel of ernstige verwijtbaarheid van de aansprakelijke partij.

Ook bij meervoudig letsel of langdurige klachten kunnen deze aanbevelingen een belangrijke rol spelen. De duur van het letsel, de samenhang tussen verschillende klachten en de impact op het dagelijks functioneren worden nadrukkelijk betrokken bij de beoordeling van een passend smartengeldbedrag. 

Hoewel de Rotterdamse Schaal en de aanbevelingen meer structuur bieden, blijft iedere letselschadezaak uiteraard maatwerk. Geen situatie is immers gelijk en de gevolgen van letsel verschillen van persoon tot persoon. Juist daarom is zorgvuldige juridische bijstand van belang.

Bij Van Dijk c.s. Advocaten staan wij voor u klaar.